|
||||||||||
|
Internationale dealsIn dit artikel wordt een begrippenkader aangereikt voor de internationaal opererende ondernemer.
Schrijven over zoiets vaags als cultuur en cultuurbewustzijn roept praktisch altijd twee reacties op. Van de zijde van de exportmanager: 'Man, ik kom hier om spullen te verkopen en niet voor hun taal en gebruiken, allemaal flauwekul'. Heeft die man nu gelijk? Oppervlakkig gezien wel. Zeker als zijn produkt erg gewild is of als er sprake is van een verkopersmarkt, heeft hij al snel de neiging minder aandacht aan de waarden en normen van de kopende partij te schenken. Voor importeurs geldt dat natuurlijk vice versa. Naarmate de internationale zakenman zich met steeds meer concurrentie staande moet houden - en dat is de realiteit van alle dag in ons dierbaar en mogelijk verenigd Europa - moet hij alle wapens gebruiken om aan de bak te blijven. Hij kan zich niet meer veroorloven stommiteiten uit te halen bij onderhandelingen, deals te verpesten of veel te onvoordelig af te sluiten alleen al omdat hij de techniek van de tegenpartij niet verstaat. Dat wordt dan vaak versluierd door opmerkingen in de trant van: 'Voor ons is daar niets te verdienen, de concurrentie is te fel' maar in werkelijkheid wordt een markt mogelijk met badwater en al weggegooid. Dus zou de voorzichtige conclusie kunnen zijn dat internationaal opererende managers rekening moeten houden met dat begrip 'cultuur'. De grote Amerikaanse marketingdeskundige Philip Kotler stelt: Cultuur is de belangrijkste determinant van het menselijk gedrag. Onder cultuur vallen ook begrippen als koopgedrag, consumptiegewoonten, onderhandelingsmethoden, marktusances enz. In feite is cultuurkennis en werken in en met verschillende culturen: de kunst van het overbruggen van afstanden. Afgezien van de feitelijke afstand in kilometers, die overbrugd wordt door de fysieke beheersing van de marketingoperatie, kan die afstand worden uitgedrukt in de 'omgevingsfactoren' van Kotler. Deze zijn:
1. de afstand (= verschillen) ten opzichte van de doelmarkt in termen van economische welvaart, koopkracht e.d.; Al deze omgevingsfactoren zijn in principe meetbaar; de exporteur kan ze min of meer objectief vaststellen. Er is één duidelijke uitzondering: de socio-culturele afstand. Dit is moeilijk vast te leggen in concrete begrippen. Hierbij speelt het inschattings- en interpretatievermogen een grote rol.
Cultuurbewustzijn
Technisch en informeel zakendoen
Het 'ontwikkelen van een cultuurbewustzijn' lijkt een erg abstracte opgave. Bovendien kan de juiste interpretatie en hantering van de cultuur van de afnemer de exporteur een aanzienlijk voordeel opleveren. Verkopers die met een open oog voor de situatie van de klant de onderhandelingen ingaan, zullen meer succes hebben dan onvoorbereide onderhandelaars. Ze maken gebruik van die kennis om hun uitgangspositie te versterken. Dat levert hen een comparatief voordeel op boven de concurrent.
Cultuur: begripsafbakening en kenmerken Kroeber en Kluckhohn (1952) komen na vergelijking van 164 definities binnen de antropologie tot de volgende omschrijving van het begrip cultuur: 'Impliciete en expliciete patronen van en voor gedrag, verkregen en overgedragen door middel van symbolen welke de specifieke prestaties, inclusief de kunstzinnige uitingsvormen van groepen vormen; de kern van cultuur bestaat uit traditionele opvattingen en daaraan gekoppelde waarden.' Universiteit van Maastricht, definieert cultuur als 'de collectieve programmering van de geest waardoor de leden van de ene groep zich onderscheiden van de andere. Cultuur is een systeem van opvattingen en waarden.' Een voor ons doel mijns inziens zeer eenvoudige en werkbare definitie heeft drs. L.J.P. Brug, Senior consultant van het Centre for International Business Studies aangereikt: 'Cultuur is een collectieve programmering van het denken, voelen en handelen.'
Wat en hoe iemand voelt, wordt in hoge mate bepaald door de normen en waarden die voor zijn/haar samenleving gelden. Normen zijn: de door een samenleving in het algemeen geaccepteerde regels die het gedrag van de mensen in die samenleving bepalen en zin geven. Wij zien, doen en oordelen over heel veel dingen zonder ons te realiseren dat het onze specifieke (Nederlandse of West-Europese) normen zijn die ons daartoe 'dwingen'. Ook gevoelens zijn normafhankelijk. Gedrag in een bepaalde situatie kan bij de één (zeer) positieve gevoelens oproepen, waar het bij een ander op grond van verschillen in normen (zeer) negatieve gevoelens oproept. Zo is het zeer on-Nederlands je voor te staan op je prestaties of je anders te gedragen dan men gemiddeld denkt: 'Doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg.' Of: 'Ja ja, wie hoog klimt kan diep vallen.' Of: 'Hoogmoed komt voor de val.' En: 'Wat van niet komt zal nooit iet worden.' Het is duidelijk dat cultuur meer omvat dan wat wij er in het Nederlandse spraakgebruik onder verstaan. Niet alleen musea, kunstacademies en muziektheaters behoren tot (onze) cultuur maar ook onze manier van leven, eten, groeten, ons kleden en communiceren. Het heeft te maken met de manier van omgaan met elkaar, met hoe werk georganiseerd moet worden enz. Kortom: cultuur heeft met ons hele leven te maken. Toch zijn de meesten van ons zich nauwelijks bewust van hun cultuur en worden zij dit pas wanneer deze cultuur bedreigd wordt of wanneer zij in contact komen met andere culturen.
Op twee niveaus hebben exporteurs met cultuur te maken: Hoewel we vaststellen dat bestudering van de bedrijfscultuur recentelijk meer aandacht krijgt, concentreren wij ons op de (buitenlandse) zakencultuur. Is men zich niet bewust van de cultuur van het land waar men van plan is zaken te gaan doen, dan is men vatbaar voor een 'culture shock'. Die culture shock is niet alleen op te lopen bij stammen diep in het oerwoud van Zimbabwe of in een bergdorp hoog in de Himalaya. Midden in Parijs en/of München heeft de manager er ook mee te maken, maar dan veel verdekter. Iedereen die met het buitenland handel drijft, kan wel een voorbeeld voor zo'n culture shock noemen. Het lange wachten voor en tijdens een afspraak met Chinese overheids-vertegenwoordigers in Beijing. Lachen met Jansen die bijna verdronk in de Arabische thee tijdens onderhandelingen in Jeddah. En natuurlijk dat ja en nee waar je maar nooit uitkomt: hij reed heel Singapore door omdat hij maar steeds aan de Maleise taxi-chauffeur vroeg: 'Je weet toch waar Jurongestate is?' en de man steeds vriendelijk 'Yes Sir' zei. Gelachen, niet te geloven gewoon.
Er zijn allerlei middelen en instituten die iets proberen op te vangen van die shock maar of dat echt veel helpt, waag ik te betwijfelen. Van een lompe koe maak je nu eenmaal niet een speels konijn, ook niet met tien briefingen.
Cultuursystemen
Cultuursystemen naar geografische indeling Ook is het mogelijk cultuursystemen in te delen naar de ervaring met het zakendoen in bepaalde landen en de communicatie met landen en/of landengroepen. In verband met deze ervaringen kunnen we spreken van de basispersoonlijkheid van een cultuur. Dit zijn eigenschappen die de inwoners van deze regio's gemeenschappelijk hebben. Overigens betekent dat niet dat het gedragspatroon van elk van die inwoners gelijk is. Individuele verschillen blijven er altijd; dat is trouwens het interessante van het vak internationaal management. Binnen bepaalde gebieden of landen zijn er altijd eigenschappen te vinden die de bewoners in meer of mindere mate delen. Daarbij wordt een soort grootste gemene deler gevonden, die ook bij marktsegmentering een wezenlijke rol kan spelen.
Voordeel van gebruik van dit systeem is dat het een sterk beeldende beschrijving geeft van de groepscultuur; nadeel is dat het vaak generaliseert en dus als criterium te grof kan zijn. Met deze beperking in gedachte zijn de volgende voorbeelden c.q. vooroordelen te noemen:
Cultuursystemen naar wijze van denken In de praktijk komen deze drie categorieën vaak gemengd in verschillende verhoudingen voor (bijvoorbeeld Joegoslavië en Japan).
Cultuursystemen naar plaats van het individu in de maatschappij Zoals u ziet komt deze indeling overeen met systeem 1 en 3 van indeling naar denkwijze. Individualisme impliceert een los sociaal 'framework' waarin mensen verondersteld worden alleen voor zichzelf en hun directe familie te zorgen. Veel waarde wordt gehecht aan individuele beslissingen. Collectivisme wordt gekenmerkt door een hechte sociale samenstelling van de maatschappij. De mensen verwachten dat familie, vrienden en organisaties voor hen zorgen en zij voelen op hun beurt absolute loyaliteit ten opzichte van hen. De groep beslist. Bij deze indeling wordt al heel snel in de Oost-West-gedachte gewerkt. Daarbij vervuld de Oosterse cultuur de collectivistische rol en het industriële Westen de individualistische. Dat was wellicht in het verleden van toepassing. Tegenwoordig kunnen wij deze indeling ook gebruiken bij het verschil tussen de grote-stadsmens en de in een dorpsgemeenschap levende mensen, waarbij de laatsten natuurlijk niet de op en neer pendelende forensen zijn. Sterke individualisering is kenmerkend bij de grote-stadsmens en naar de ervaring leert is zij praktisch hetzelfde voor de Amsterdammer, de Parijsenaar, de bewoner van Istanbul of Tokyo. Sterke collectivistische gemeenschapstrekjes ziet u in de dorpen bij de Veluwezoom, de Drentse heiden en de Zeeuwse eilanden. Het gedrag van het individu versus zijn gemeenschap verschilt niet zo heel veel van de dorpen in de Franse Bourgogne, de Hongaarse Poesta of in de Indiase Gujarat.
Cultuursystemen op basis van de grondslag van de maatschappij Bij een dynamische cultuur zijn de grondslagen voortdurend aan verandering onderhevig. In onze Westerse beschaving heerst bijvoorbeeld een steeds aanhoudende drang naar vernieuwing. Men staat positief tegenover veranderingen, terwijl andere culturen juist heel behoudend zijn. Een goed voorbeeld van waardenverandering is bijvoorbeeld de in Nederland toenemende acceptatie van het samenwonen van partners zonder te trouwen. Ook de drang om taboes te doorbreken is zo'n voorbeeld. Ten slotte introduceerde prof. dr. A. Hofstede een multi-dimensioneel model in een poging om de vage concepten van de nationale cultuur concreet te maken. Hij trachtte de basispersoonlijkheid van een land te beschrijven, te meten met behulp van vier basiscriteria, door hem dimensies genoemd. De criteria zijn: machtsafstand, het mijden van onzekerheid, individualisme/collectivisme en ten slotte masculiniteit/feminiteit. Op het gevaar af iets te diep in de stof te gaan, behandelen we dit model in het kort om een compleet, afrondend geheel te geven over het begrip cultuur en haar implicaties voor het internationale bedrijfsleven. Uitwerking van het model geeft de volgende definities:
Machtsafstand In maatschappijen met een grote machtsafstand wordt de ongelijkheid in de wereld als gegeven aangenomen. In deze hiërarchie heeft ieder mens een rechtmatige plaats; hoog en laag worden door deze orde beschermd. Slechts een paar mensen zouden onafhankelijk moeten zijn; de rest is van die paar afhankelijk. Superieuren zien hun ondergeschikten als een 'ander soort mensen' voor wie zij niet toegankelijk zijn, die een potentiële bedreiging vormen voor hun macht en die zelden hun vertrouwen waard zijn.
Het mijden van onzekerheid
Individualisme/collectivisme
Masculiniteit/feminiteit In de feminiene cultuur is er minder onderscheid tussen de rollen van de man en de vrouw. Er bestaat veel belangstelling voor de kwaliteit van het leven, voor de mensen en de omgeving. De motivatie van de mensen ligt in dienstverlening. Men streeft naar onderlinge afhankelijkheid. Op grond van deze vier dimensies stelde Hofstede een 'culturele plattegrond' samen, waarop een groot aantal landen werd ingeschaald. Zo konden ook clusters van landen worden aangewezen. Het zou te ver leiden de modellen hier in hun geheel te behandelen. Wel geven we een paar voorbeelden. Zo scoren de Verenigde Staten laag op machtsafstand en risicomijding, maar hoog op masculiniteit en individualisme. De VS is zelfs het meest individualistische land ter wereld, gevolgd door Australië en Groot-Brittannië. Nederland heeft een gematigde cultuur als het gaat om machtsverhoudingen en het vermijden van onzekerheid. De Nederlanders zijn daarnaast echter een sterk individualistisch volkje met een neiging naar de vrouwelijke cultuur. Singapore, Hong-Kong, India en de Filippijnen staan hoog genoteerd voor machtsafstand en laag voor risicomijding. Deze landen, die voor elke dimensie in hetzelfde cluster voorkomen, worden verder gekenmerkt door een collectivistische en vrij mannelijke samenleving. Japan spant de kroon als het om masculiniteit gaat. Het land vormt voor deze dimensie een cluster in zijn ééntje! Maar ook zullen de Japanners zoveel mogelijk risico's in hun leven proberen te omzeilen. Verder houden zij tamelijk afstand tot hun meerderen.
Communicatie
Schriftelijke communicatie Stijl, 'tone-of-voice', duidelijkheid en begrip voor de (situatie van de) ontvanger zijn hierbij essentieel. Als u niet weet welke stijl de cultuur voorschrijft, kunt u uw geschrift het beste zakelijk en helder opstellen. Het gebruik van humor en understatement en verwijzingen naar Nederlandse situaties zijn meestal ongewenst. Engelsen gebruiken veel korte zinnen, hoe korter hoe liever. Fransen en Duitsers daarentegen gebruiken veel lange volzinnen. Zij sluiten hun brieven af met zeer formele standaardzinnen terwijl de Engelsen dit niet doen. Zij zijn veel meer 'to the point', veel directer in hun taalgebruik en maken veel gebruik van understatements. Sprekend uit ervaring van meer dan 20 jaar met het internationaal opererend bedrijfsleven, moet het nu toch van het hart dat het vaak nog treurig is gesteld met de schriftelijke communicatie in de vreemde talen. Brieven en folders zijn evenzovele visitekaartjes van de onderneming. Slordige brieven, taalfouten en foldermateriaal dat even in elkaar is geflanst, creëert een uitstekende kans een buitenlandse klant kwijt te raken. Dat het ook anders uit kan pakken, bleek recentelijk met een Franse importeur die dermate gecharmeerd was van het uitstekende Frans van de Nederlandse exporteur bij hun correspondentie, dat alleen nog een bezoek aan elkaar de deal zou bezegelen. Zijn schrik dat de man praktisch geen woord Frans uitbracht, was voldoende om van alles af te zien. De exporteur beklaagde zich: 'Nu heb ik een uitstekend vertaalbureau en nu is het weer niet goed.' 'Het kan verkeren', zei een andere Nederlander.
Mondelinge communicatie Mondelinge communicatie eindigt als u herhaaldelijk telefonische klachten van uw buitenlandse klant ontvangt, waarbij uw telefoniste, of iemand bij de orderadministratie zenuwachtig 'tuut, tuut, tuut' zegt en de hoorn erop legt als die dringende ratelende stem uit Parijs wordt herkend. Einde van veel inspanning door het niet goed instrueren en organiseren van de eigen onderneming. Miscommunicatie dus. Uit: 'Internationaal onderhandelen', Drs. A. Kok, Uitgeverij: Samsom, ISBN: 90 267 1532 3, |
|
||||||||||||||||||||
|